Alice (een stralende Gemma Arterton) is perfect gelukkig met haar kluizenaarsleven als schrijver. Nauwgezet onderzoekt ze de waarheid achter de volksverhalen, legendes en mythes waar ze mee opgroeide. In haar kustdorpje heeft haar dat zowat de reputatie van heks of – meer in lijn met de tijdsgeest in de jaren ’40 – spion opgeleverd. Des te beter, want hoe minder mensen haar komen opzoeken, hoe beter.

Haar rust wordt echter verstoord wanneer een sociaal werker aan haar deur staat met Frank, een jongeman die geëvacueerd werd uit Londen. Alice moet hem onderdak geven tot het einde van de oorlog. Aanvankelijk is ze niet erg opgezet met de regeling, maar dan ontdekt ze dat ze misschien toch meer gemeen heeft met Frank dan ze initieel kon vermoeden.