Ze verkende thema’s als verlies, ontheemding en koloniale verhoudingen, vaak via fragmentarische verhaalstructuren en een uitgesproken aandacht voor stilte en herhaling. Film wordt bij Duras geen vertelling, maar een vorm van herinneren.
In 'India Song' componeert ze een zintuiglijk portret van een vrouw – en een wereld – die langzaam vervloeien in herinnering en verlangen. Tegen de achtergrond van het koloniale Calcutta in de jaren 1930 verschijnt Anne-Marie Stretter, de vrouw van de Franse ambassadeur, niet zozeer als personage, maar als een figuur die vorm krijgt via de bespiegelingen en blikken van anderen.
Met Delphine Seyrig – bekend uit het werk van Alain Resnais en Chantal Akerman – in de hoofdrol ondergraaft Duras de klassieke acteerstijl: stemmen en lichamen vallen uiteen, alsof de personages enkel nog als echo’s bestaan.
Lange, glijdende camerabewegingen en een bezwerende muzikale cadans vertragen de tijd en dragen bij aan een hypnotische filmervaring over liefde, macht en vergankelijkheid.